Spreekwoorden en zegswijzen
• vlinders in zijn buik hebben (=verliefd zijn)
• van je buik een afgod maken (=belang hechten aan lekker eten en drinken)
• twee handen op één buik zijn (=het altijd met elkaar eens zijn)
• twee handen op een buik (=ze werken samen, ze denken er hetzelfde over)
• schrijf het maar op je buik (dan kan je het met je hemd weer uitvegen) (=vergeet het maar)
Toon alle 16 spreekwoorden die buik bevatten

Op andere websites
Zoek buik in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek buik op Google
Zoek buik op Woordenlijst.org
Zoek buik in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek buik op Wikipedia